Afbeelding
Foto: Lotte Zoet

Hedwig Damen: ‘Vanaf de wieg al tussen de bollen’

Algemeen

De tientallen bollenbedrijven in de omgeving staan elk jaar garant voor mooie bollenvelden en de toeristenstroom om die te bekijken. Maar hoe gaat het er aan toe achter de schermen? Wat doen de kwekers aan duurzaamheid? En hoe is het eigenlijk om altijd met familie te werken? In de vijfdelige serie ‘Familie in de bloembollen’ gaan de deuren van de kassen open. Met deze keer het bollenbedrijf Damen uit Voorhout.

Door Lotte Zoet

Al meer dan 140 jaar zorgt de firma H.C. Damen voor de mooiste hyacinten, narcissen, tulpen en musari in verschillende kleuren en maten. Rond het jaar 1875 is het de overgrootvader van Hedwig Damen (55) die begon met bollenteelt op kleine schaal. Het bedrijf is telkens van zoon op zoon gegaan. Hedwig is de vierde generatie en werkt al zo lang hij zich kan herinneren mee aan het bedrijf. Eerst nog samen met een oom en neef, maar vanaf 1998 samen met zijn vader. “Vanaf de wieg stond ik al tussen de bollen eigenlijk. Het bedrijf is een stukje trots dat ik bij mij draag. Daarnaast moet dit vak je ook zeker liggen. Het is mij met de paplepel ingegoten gekregen.”

Kwaliteit staat hoog in het vaandel bij het bedrijf. “We onderscheiden ons omdat we niet super groot zijn, en ik wil ook zeker niet groter worden. In de tijd van mijn grootvader was de bol veel meer waard in het buitenland dan het nu is. Maar de kosten eromheen zijn wel duurder geworden. Bollenteelt gaat tegenwoordig veel meer over produceren van grote aantallen en de bol is in de afgelopen jaren niet in meerwaarde gestegen. Het is beter om iets unieks te maken en je daarop te blijven focussen, daarbij geldt ook dat wij altijd goede kwaliteit willen aanleveren,” aldus Damen.

Gratis energie 

“Ik snap dat mensen kritiek kunnen hebben op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen,” vertelt Damen. Hij legt uit dat het bedrijf zoveel mogelijk gebruik maakt van biologische middelen, maar op sommige momenten kan het niet anders. “Daarnaast hebben we zonnepanelen en hebben we ook een kas, hiermee kunnen we het voorjaar een stuk verlengen. Als het buiten zomer is kan het in de kas erg warm worden. in de zomer moeten we ook heel veel bloemen drogen, omdat het nat uit de grond komt. Dit is dus eigenlijk gratis energie voor ons. Een bol is hetzelfde als een mens, het moet ademen. Dus zorgen we er ook voor dat er genoeg ventilatie is. Als het gaat om de bescherming van de planten spuit ik dus zowel chemisch als biologisch. Maar we zorgen er wel voor dat het allemaal binnen de perken blijft.” 

Niet de man met de stropdas

Damen voelt zich zeker niet de man met de stropdas in zijn bedrijf. Hij denkt veel aan zijn werknemers en is graag bezig met helpen. “Ik kan het niet allemaal alleen en ik hou er niet van om de hele dag alleen maar op kantoor te zitten. Ik moet met mijn werknemers aan de slag gaan. We krijgen hulp van Poolse en Oekraïense werknemers die hier via een uitzendbureau terecht zijn gekomen. Daarnaast zijn er in de drukke maanden scholieren die komen helpen met bijvoorbeeld het pellen van bollen. Daarnaast heb ik een paar vaste werknemers, waaronder Max. Hij regelt onder andere alle computerzaken.” 

Topdrukte 

Max Bel (31) is al bijna twaalf jaar werkzaam bij het bedrijf. “Ik ben hier als jonge jongen terecht gekomen en eigenlijk altijd blijven hangen. Je zou kunnen zeggen dat ik deel uitmaak van het meubilair. Ik ben een soort van de rechterhand van Hedwig. Hij begint steeds vaker te zeggen dat hij het zonder mij niet kan.” 

Op dit moment is het topdrukte in het bedrijf. “We zijn nu heel erg druk bezig met de internationale feestdag Vrouwendag op 8 maart. Dit wordt vooral in oostbloklanden gevierd. Daar moeten veel bloemen naartoe. En zodra Keukenhof opengaat komen er bussen vol met toeristen. Ze komen naar een van de veertien landerijen die we hebben en lopen helaas soms ook door de velden heen. We proberen zoveel mogelijk te waarschuwen, meer kunnen we niet doen.” 

Max vertelt dat de bollen eigenlijk de hele wereld over gaan. “Rond deze tijd zijn het vooral de oostbloklanden, maar het hele jaar door gaan de bollen naar onder andere China of Israel. Dit komt doordat klanten deze opkopen om vervolgens op te sturen naar de verschillende landen. We merken dat dit erg goed loopt. De klanten willen alleen maar meer en meer. Ook gaat Hedwig drie keer per jaar naar Oostenrijk om daar bollen te verkopen. Dit is iets wat zijn vader ook altijd deed.” 

Voetbalteam

Naast de kwaliteit van de bollen is Bel ook erg trots op hoe het team alles oppakt. “We zijn een goedlopend bedrijf en dat is te danken aan iedereen die hier staat en zijn best doet. We vergelijken het ook vaak met een voetbalteam. Hedwig is de coach en ik ben de aanvoerder en we hebben iedereen nodig om elke dag een goede wedstrijd te kunnen spelen. Zolang het zo gaat, gaat het goed,” zegt Max.

Bel zou het fijn vinden om nog lang te blijven werken bij het bedrijf. “Ik zou misschien wel een stukje willen overnemen, maar ik weet ook dat er grote risico’s aan vastzitten. In tijden van corona hebben we veel verlies geleden, daar konden wij allemaal niks aan doen, maar het hoorde er helaas wel bij. Daarnaast zijn er alleen al in deze straat zeven van dezelfde bedrijven. We moeten afwachten wat de koopkracht in Nederland gaat doen en of mensen in de toekomst nog steeds geld uit willen geven aan bloemen,’ zegt Bel.

Of er opvolging is voor het bedrijf durft Hedwig niet met zekerheid te zeggen. Mijn dochter Kim is nu negentien en is aan het studeren, zij is haar eigen ding aan het doen. Mijn zoon Luc is zestien en speelt bij de academy van Feyenoord. Ik vind het vooral fijn dat ze hun eigen weg inslaan en wellicht zal dit in de toekomst nog veranderen. Op dit moment geven bloemen de mensen vooral fleur en kleur en binnenkort stroomt het hier weer vol met toeristen van over de hele wereld die komen genieten van onze producten en de streek waar we in wonen. Dat is al heel mooi, ” besluit Hedwig. 


Afbeelding
Afbeelding

Uit de krant