Pinksteren

Het is Pinksteren vandaag. Ik schrijf deze column terwijl ik aan het oppassen ben. Het is zondag, 10 uur. Inderdaad, onder kerktijd. Ik sla een keer over. In plaats daarvan ben ik een uur geleden op de fiets gestapt. De zon scheen uitbundig. Het groen is op z’n voorjaarsmooist. Later in de zomer zal dat groen er vermoeider uitzien, egaler van kleur. Maar nu knalt het rood van de beuken tegen het lichtgroen van iepen en esdoorns. Overal bloeien de rozen dat het een lust heeft. Onderweg kwam ik langs de mooiste bloeiende bermen die je je kunt voorstellen. Dat je elkaar groet onderweg, vriend of vreemde, moet nog een beetje van de grond komen, hier in de Randstad. Maar de meeste fietsers en wandelaars die ik vanmorgen tegenkwam groetten opvallend vriendelijk. Ze zagen er al evenmin uit alsof ze naar de kerk gingen dus voelde ik me iets minder schuldig. Gek is dat, zo’n schuldgevoel. Wanneer je van je vierde jaar af elke zondag meegegaan bent zit dat er in. Een zondag is geen zondag wanneer ik niet geweest ben. Maar ik had u al verklapt dat dat me er niet van weerhoudt om af en toe absent te zijn. De oppasbeurt die ik hier heb kwam ook wel gelegen. Ik loop al een tijdje te worstelen met het verschil tussen de dingen die ik wil doen en de dingen die ik nog kan doen. Het ontbreekt me steeds meer aan de energie die ik nodig heb voor wat ik wil en ik moet dus leren genoegen te nemen met wat ik nog kan. ‘Leven onder geleide van de pijn’, zeggen ze bij de revalidatie. Ik geef het u te doen. Mijn gevoel zegt dat ik m’n dagen nog leger moet maken. Mijn hoofd zegt dat ik daar nog een harde dobber aan krijg. Maar vanmorgen niet. De rust van deze ochtend is weldadig – en dat is ook wat waard. Er ligt een lieve zwartharige viervoeter geduldig naast me te wachten tot we er samen op uit kunnen gaan. M’n mailbox vertelt me dat de on-line lotenverkoop voor de Zonnebloem mooi van de grond komt. Als straks mijn dochter uit de kerk komt is er koffie-met-wat-er-bij, en daarna is het tijd om naar huis te gaan. Daar wacht mijn lieve, sinds kort eveneens bejaarde echtgenote (die wel naar de kerk is geweest, ter uwer geruststelling) en hebben we nog de rest van deze zonnige Pinksterdag in het vooruitzicht. En morgen nòg zo’n dag. Het leven is goed. Ik laat de Geest maar waaien.


egbertvanderweide